Interview met vrijwilliger Renee
In een nieuwe reeks interviews gaan we in gesprek met leden over hun motivatie om lid te worden.
In deze eerste editie spreken we met Renée Daniëls. actief lid van de Vrij Bij Mij Community én vrijwilliger bij Keuze Vrij Bij Mij. Ze deelt met ons waarom ze lid is geworden en hoe ze tegen vernieuwingen in de maatschappij aankijkt.
Wanneer ben je lid geworden van Keuze Vrij Bij Mij en waarom?
“Direct na de eerste lockdown. Mijn vrienden en kennissen wonen niet in de buurt en dat maakte het niet makkelijker om contact te houden. Ik dacht daarom ‘dit gevoel van isolatie gaat me niet nog een keer gebeuren, ik wil contact met meer gelijkgestemden in mijn woonomgeving’.
Ik volgde al verschillende initiatieven voor gelijkgestemde mensen, via social media en/of nieuwsbrieven. Keuze Vrij Bij Mij sprak mij het meeste aan omdat de beweging niet polariserend is en ieders vrije keuze respecteert. Keuze Vrij Bij Mij had ook een online community en daardoor een laagdrempelige mogelijkheid om contact te leggen met gelijkgestemden. Dus ben ik lid geworden.
Helaas gebeurde er in de community niet zo heel veel. Ook niet in de regionale groepen.
Ik vind dat als je wilt dat iets werkt, je niet op een ander gaat zitten wachten tot het verandert, maar zelf in actie komt. Dus toen ik in de nieuwsbrief een oproep voor vrijwilliger zag staan, heb ik mijzelf aangemeld.
Na een kennismakingsgesprek heb ik ervoor gekozen om te helpen met de nieuwsbrief.
Sindsdien stel ik, na overleg met Ed (Kortekaas), de consumenten- en de ondernemersnieuwsbrief samen uit de door het communicatieteam aangeleverde artikelen en zorg ik voor de verzending.
Hoe belangrijk is onderling contact en verbinding voor jou?
“Heel belangrijk! Zoals ik al zei, was de online community voor mij een belangrijke reden om lid te worden. In het begin deed iedereen alles alleen. Het ontdekken dat er ‘dingen’ niet klopten, ontdekken dat je er anders over denkt dan veruit de meeste mensen in je omgeving, alle kritiek die je kreeg als je deze dingen in je omgeving wilde bespreken… Het is heel fijn om in contact te komen met gelijkgestemden. Met mensen die begrijpen waar je het over hebt en elkaar steunen. Daardoor voel je jezelf minder alleen staan en kunnen we contacten leggen om te bouwen aan wat we wél willen.
De online community is daar ook belangrijk in. Ook al zou die nog wel wat intensiever gebruikt kunnen worden. Nou hou ik meer van een ouderwets forum dan van Huddle (vind ik net wat overzichtelijker en gebruiksvriendelijker), maar dat is puur persoonlijk.
De contacten die je kunt leggen via de community zijn wel heel waardevol. Zoals de kampeerweekenden die we vorig jaar samen hadden. Het is geweldig fijn om samen te komen. Er wordt heel veel gesproken tijdens zo’n weekend, over van alles en nog wat en natuurlijk worden er ook hele leuke dingen gedaan, zoals barbecueën, en samen muziek maken rond een kampvuur.”
Ben je ook aangesloten bij een lokale groep?
“Lokale groepen vind ik belangrijk, maar ik vind het niet heel makkelijk er eentje te vinden die bij mij past. Via Facebook heb ik wel eens contact gehad met iemand uit de buurt en we hebben ook samen een keer gewandeld, maar ja: dat is één persoon. Voor echte lokale verbinding is meer nodig.
Wij wonen in buitengebied, omringd door boerenland. Alleen… ik ken de boeren en hun producten niet. Ik ben daarom blij dat er in ons dorp een Buurderij van Boeren & Buren zit. Toch weer één stapje dichter bij ‘kopen bij de boer’.
Bij onze lokale Buurderij kun je ook meehelpen (er worden groenten en klein fruit geteeld). Ik heb me daar nog niet voor aangemeld, omdat ik de laatste jaren in ieder geval van juli tot en met september grotendeels te vinden ben op SVR-campings. En vrijwilligerswerk is natuurlijk niet vrijblijvend. Maar: wat in het vat zit, verzuurt niet.”
Hoe kijk jij aan tegen vernieuwingen in de maatschappij?
“Er worden nu veel nieuwe dingen bedacht, terwijl sommige oude dingen niet altijd alleen maar slecht waren. Het kind wordt vaak met het badwater weggegooid. Je ziet dat overal in de maatschappij. Hoe vaak heb ik in het verleden niet meegemaakt dat alles 180 graden om moest en het hele systeem op de schop ging.
In het onderwijs bijvoorbeeld. Er wordt vaak niet gekeken naar wat er wel goed gaat en hoe daarop voortgeborduurd kan worden, maar er wordt radicaal veranderd. En wat zijn we ermee opgeschoten? Van een onderwijssysteem dat ooit hoog aangeschreven stond in de wereld zitten we nu opgescheept met een systeem waar je niet eens meer behoorlijk leert lezen, schrijven, rekenen en zelf nadenken, maar wel narratieven leert te geloven.
Van het niet meer zelf nadenken en het kind met het badwater weggooien zie je ook desastreuze gevolgen in de klimaathysterie.
Vroeger leerde ik bij biologie dat planten en bomen CO2 nodig hebben om te groeien en dat ze water en zuurstof uitstoten. Dus zodra er geroepen werd dat we het klimaat moeten redden door de CO2-uitstoot te verminderen, ging er bij mij een rood lampje branden en dacht ik “er klopt hier iets niet”. Er kán eigenlijk geen CO2-overschot zijn, want de natuur zorgt altijd weer voor balans.
Maar aangezien mijn middelbare schooltijd al bijna 30 jaar achter me ligt, ging ik toch even op onderzoek uit. Ik vond toen onder andere een interview van Marijn Poels met Freeman Dyson. Vrij samengevat zei deze zeer ervaren wetenschapper: “We weten helemaal niet welke invloed CO2 heeft op het klimaat. We weten wél wat de invloed is op de natuur, dat kunnen we simpelweg zien. En die invloed is positief. Maar in plaats van te observeren, vertrouwt men liever op beperkte computermodellen. Die foutieve uitkomsten (ze sluiten niet aan bij wat je kunt waarnemen) geloven ze eerder dan wat ze met hun eigen ogen kunnen zien”.
Door dat blinde vertrouwen in modellen zijn we met al die CO2-besparende maatregelen dus eigenlijk bezig de natuur kapot te maken!
Nog eentje: laatst stelde een journalist na een rechtszaak van Milieudefensie een vraag aan de advocaat. In zijn nogal verbeten reactie gebruikte de beste man stikstof en CO2 constant door elkaar, alsof het uitwisselbare ‘dingen’ waren. De journalist zei er niks van.
Veel mensen denken niet na, of zien het wél goed, maar durven niks te zeggen.
Als we veranderingen willen in de maatschappij is het voor mij daarom logisch dat we eerst kijken naar waar we heen willen, dan kijken wat we al hebben en wat we daarvan - al dan niet in aangepaste vorm - kunnen gebruiken en dan pas nieuwe dingen ontwikkelen. Zo kunnen we ervoor zorgen dat we de waardevolle dingen niet per ongeluk ‘met het badwater weggooien’.”
Heb je nog een boodschap voor de lezers?
“Als eerste: blijf altijd zelf nadenken. Bij alles wat je hoort en leest, van welke bron dan ook. Vertrouw daarbij op je gevoel: zoek bij de allerkleinste twijfel naar andere bronnen en/of inzichten en vorm dan pas je eigen mening.
Ten tweede: je hoeft niet te wachten met het bouwen van een nieuwe wereld tot je ‘m helemaal uitgedacht hebt - je kunt vandaag al een eerste grote óf kleine stap zetten.
En als laatste: je hoeft het niet met iedereen altijd over alles eens te zijn. Maar je kunt wel altijd respecteren dat iemand een andere mening heeft dan jij.
Denk die maar ‘ns door. 😉”